DE NAZATEN... SEPTEMBER

Arnold Dewelf - 2009-01-17 14:17:37

Als een maand voorbehouden wordt aan onze voorzaten, dan mogen (moeten) ook onze nakomelingen aan de beurt komen.
Een bedenking die mij, nog niet als kind, maar dan toch wel als tiener in de verhouding tussen ouders en kinderen meermaals heeft beziggehouden, is deze : wanneer een onbegrip ouders pijn doet, zei men : kleine kinderen treden op het kleed, groten trappen op het hart. Voor kleine kinderen en ook voor hun ouders wordt een fout allicht in beide richtingen aangerekend als een kinderlijke fantasie of dwaling, vergeven en vergeten. Tussen volwassenen ligt de breuk, het generatieconflict, vaak veel dieper en is ze veel moeilijker te herstellen omdat de zienswijzen uit elkaar kunnen gegroeid zijn, elke persoonlijkheid gevormd is, een mens niet zo maar verandert, een ingenomen standpunt niet meer zo gauw prijs wordt gegeven, men zijn ongelijk niet graag toegeeft of niet wil inzien en overtuigd blijft van zijn eigen grote gelijk, terwijl de ouderlijke levenservaring toch niet verwaarloosbaar is. In het Frans luidt het : si jeunesse savait, si vieillesse pouvait. Als de jeugd eens wist en de oudere nog kon.
Wanneer de jongere een probleem heeft, stelt hij de vraag aan vader of moeder. De tienjarige getuigt over zijn vader : vader weet echt alles. De twintiger zegt : vader weet heel veel, maar ik toch ook een beetje. De dertiger denkt : vader is slim, maar ik ben wel even slim. De veertiger beweert veel meer te weten dan zijn ouders. De vijftiger realiseert zich dat vader toch veel weet. Wanneer de ouders er niet meer zijn, stelt de zestiger zich de vraag : kon ik het nog maar eens aan vader vragen. Maar ondertussen kan het kwaad geschied zijn, de breuk reëel en soms moeilijk te herstellen.
Een veralgemening kan worden doorgetrokken naar o.a. familiale bedrijven, het verenigingsleven en de politiek. De pater familias, de bejaarde voorzitter of de oude senator moet zich niet ten koste van alles willen handhaven, zich aan zijn zetel vastklampen. Niemand is onvervangbaar. Er is een tijd van komen en een tijd van gaan en dat moet men onder ogen durven te zien. Dit betekent ook niet dat de overmoed, de ambitie of de pretentie van de volgende generatie alles in het werk moet stellen om de oudere generatie zo spoedig mogelijk opzij te schuiven. Wederzijds respect en overleg kan veel onheil afwenden.
Het vierde gebod is er voor wie dat nog iets betekent :”Vader, moeder zult gij eren”. Eertijds, in onze agrarische samenleving, waren er weinig of geen rusthuizen en bleven drie generaties samenwonen. De ouderen werden tot het einde aan huis verzorgd, hetgeen in de sociale context van de huidige maatschappij niet meer kan. Het zou voor de jonge gezinnen een belemmering betekenen om zich vrij te ontplooien. Jonge mensen mogen niet gekraakt worden door de verzorging. Dat mag voor de ouderling geen blancocheque betekenen tot misbruik of tirannie, maar ook de jongere mag zich niet vergrijpen aan de oudere uit wraak, financieel belang of criminele overweging. De gulden middenweg lijkt hier de juiste aan te nemen houding.
Levenslang elkaars vertrouwen winnen, onderhouden en waarderen, lijkt in elk van de voorgaande gevallen een gulden regel.

Nieuws

  • » Actualiteit
  • » Sportnieuws
  • » Familienieuws
  • » Blogs
  • » Gastenboek